Banner
Hoe werkt dat in de praktijk?

Om eigen verantwoordelijkheid te leren dragen werken de kinderen aan taken. In de kleutergroepen met 1-2 (knutsel)werkjes per week, in de hogere groepen met een weektaak. Wat er gedaan moet worden staat vast, maar je kind plant zelf wanneer hij het doet. Zo kan hij in zijn eigen tempo werken en is er ook ruimte voor extra stof of juist extra begeleiding. Kort samengevat komt het er op neer dat je kind leert dat het voor zichzelf werkt en niet voor de meester of juf.

Samenwerken doen de kinderen op veel manieren. In groepjes, met één ander kind of met leerlingen uit een hogere of lagere groep. Ook wordt er veel in de kring gedaan en in projecten gewerkt. Op die manier leren ze niet alleen van de leerkracht, maar ook van elkaar. En je kind leert met verschillen omgaan, want niet iedereen is hetzelfde.

De zelfstandigheid binnen het Daltononderwijs zie je terug in het taakgericht werken, maar ook in de werkhoeken waar kinderen alleen of in kleine groepjes aan de slag kunnen. Buiten de klas zijn er werkhoeken. In de kleutergroepen vind je bouwhoeken en poppenhoeken, maar ook een waterspeelplaats. Voor de bovenbouw is er een natuurontdekhoek. Computers bevinden zich zowel in de klas als daarbuiten.

 
Wat doet de leerkracht?


De juf of meester geeft soms klassikaal uitleg, meestal aan het begin van een nieuwe taak of project. Maar vaker werkt zij met kleine groepjes van hetzelfde niveau, terwijl de andere kinderen zelfstandig werken. Of ze geeft één op één instructie.

Voor het laatste zijn zelfs speciale symbolen afgesproken: als de juf in de kleutergroep op het rode stoeltje zit, weet elk kind dat ze even niet gestoord mag worden!

In een hogere groep gebruiken de kinderen de boog en ze gaan verder met een andere opdracht. Ze komen later alsnog aan de beurt. Uitgestelde aandacht noemen we dat. Ook hier worden kinderen zelfstandiger van.